Supervisie, integraalleren, LVSC

De kracht van supervisie is dat je zelf in staat bent om jezelf een aantal vragen te stellen, zoals:

Waarom heb ik zo gehandeld?
Welke keuzes heb ik op basis waarvan gemaakt?
Op deze manier krijgt de supervisant controle over zijn eigen manier van zelfsturend leren
DOEL:
Het eigen handelen in beroepssituaties onder de loep nemen
Leren het eigen handelen duurzaam te verbeteren
WERKWIJZE:
Centraal staat het (schriftelijk) leren reflecteren op eigen handelen. Reflectie leert de supervisant terugzien op en nadenken over:

Het concreet waarneembare eigen handelen
De wijze waarop dat handelen werd ervaren en beleefd door zichzelf en anderen
De achterliggende (deels onbewuste) overtuigingen, waarden, doelen en uitgangspunten
In dit proces fungeert de supervisor als klankbord, stimulator en deskundige die de door de supervisant ingebrachte ervaringen, dan wel conclusies in een breder kader kan plaatsen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van verschillende werkvormen.

De supervisant kan allerlei aspecten met betrekking tot zijn of haar wijze van functioneren in de beroepsuitoefening inbrengen, bijvoorbeeld:

Het werken met cliënten
De omgang met collega’s
Het functioneren in teamverband en binnen de organisatie
De eigen manier van leiding geven of werkuitvoering.
SUPERVISIE MOET GEVOLGD WORDEN BIJ EEN LVSC-GEREGISTREERDE SUPERVISOR.